Door Jules Maaten, voorzitter VVD eurofractie
Van verschillende kanten horen we dat het nieuwe Europese Hervormingsverdrag een succesverhaal is. Ook de Nederlandse regering is blij, want er ligt nu een verdrag zónder Europese vlag. Toch zijn er wel andere daadwerkelijk verbeterde elementen ten opzichte van het in Nederland en Frankrijk verworpen grondwettelijk verdrag. Zo krijgt Europa meer mogelijkheden om klimaatverandering en energiecrises aan te pakken. Nederland kan deze problemen niet alleen oplossen. Het is goed dat de Europese landen hier nu gezamenlijk de schouders onder gaan zetten.
Daarnaast wordt in het nieuwe verdrag rechtstreeks verwezen naar de toetredingscriteria tot de Unie. Een strengere handhaving van deze Kopenhagen-criteria is een absolute noodzaak, omdat in het verleden gebleken is dat eenmaal toegetreden landen zich minder aangesproken voelen tot de gezamenlijke regels van de EU.
De 'oranje kaart' die Nederland heeft binnengesleept en waar VVD Kamerlid Han ten Broeke zich zo voor heeft ingezet is een elegante oplossing om nationale parlementen inspraak te geven op voorstellen van de Europese Commissie, het dagelijks bestuur van de Unie.
Als we horen hoe niet-Europeanen over Europa spreken, hebben we alle reden om trots te zijn op Europa. Neem het vertrouwen dat overal bestaat in onze munt, de euro.
Buiten Europa wordt ook met veel hoop uitgekeken naar een meer eenvormig Europees buitenlands beleid. Uit de laatste peilingen blijkt dat ook 69 procent van de Nederlanders een sterker gezamenlijk Europees buitenlandbeleid willen.
Toch maak ik me zorgen over de praktische invulling van dit beleid. We krijgen een Hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid. Deze Hoge Vertegenwoordiger zal 'met een been staan in de Europese Commissie, en met een ander been in de Raad'. Maar hoe gaat dit lopen in de praktijk? En wat wordt de rol van de nieuwe voorzitter van de Raad, vertegenwoordigt hij dan ook de EU naar de buitenwereld toe? En hoe worden deze functionarissen democratisch gecontroleerd?
Ik heb daarom voorgesteld dat we als Europese en nationale parlementariërs vaker gaan overleggen, om te beginnen twee keer per jaar - eenmaal in Den Haag en eenmaal in Brussel.
Wij
zijn het zeer eens met het idee dat er geen onnodige Brusselse
bureaucratie moet komen. Collega Jan Mulder heeft daarvoor initiatieven
genomen in het Europese Parlement, en er is een instantie opgericht die
de regeldruk met 25% moet terugdringen. Vanuit Nederland is Robin
Linschoten daarin benoemd. Maar we zouden graag meer zien dat ook de
kansen van Europa gegrepen worden. Er is meer interne markt nodig,
zodat je gemakkelijker van bank kunt veranderen, een goedkopere
hypotheek van een buitenlandse aanbieder kunt nemen en je pensioen kunt
meenemen.
Dit kabinet heeft het idee overgenomen dat
Nederlanders bang zijn voor Europa en past haar taalgebruik daaraan
aan. Uit de vlaggenactie van collega Toine Manders blijkt echter dat er
veel meer vraag is naar het product Europa dan eerst gedacht. Er zijn
al bijna zeshonderd vlaggen verspreid waarvan meer dan de helft aan
gemeentes. Uit de eurobarometer bleek dat tachtig procent van
Nederlanders positief dacht over de Europese vlag, dat lag boven het
Europese gemiddelde.
Er is wel een groot informatietekort. De Nederlander wil beter worden geïnformeerd. Waarom wordt de publieke omroep niet opgeroepen of verplicht om beter te informeren over Europa? Veel belangrijke beslissingen worden genomen, terwijl er geen informatie over is. Een "Brussel Deze Week" zou een goed begin zijn.
Met het
Hervormingsverdrag, voor wat het waard is, wordt een tijdperk
afgesloten. Het is het einde van Europese ideologie. In twee opzichten.
De Europese eenwording nastreven uit ideologische overwegingen is nu
echt uit de tijd. Maar je verzetten tegen Europese politieke
samenwerking, ook de supranationale aspecten ervan, is nu ook echt
achterhaald. Het is tijd om Europa met minder emotie te bezien, of die
nu positief of negatief is, en met meer verstand.
Als het Verdrag
niet voorziet dat een beleidsterrein, ik noem maar volksgezondheid,
Europees wordt vormgegeven, wil dat nog niet zeggen dat Europese
samenwerking bij verdediging tegen internationale pandemieën niet
hoogst noodzakelijk is. En omgekeerd, als Europa volgens het Verdrag
iets mag doen betekent dat nog niet dat Europa het ook móet doen, denk
maar even aan de bodemrichtlijn die nu in behandeling is.
Nu moeten we weer de inzet richten op de toekomst. We mogen niet defensief vast blijven zitten en ons verstoppen achter de dijken, de Grebbelinie en de Pietersberg. Maar ook de kansen van Europa moeten gegrepen worden.
De VVD eurofractie is geïnteresseerd in uw commentaar. Schrijft u ons op jmaaten@vvd.nl, en we komen graag bij u terug.
Wij
bieden bovendien sinds september 2007 met veel plezier de mogelijkheid
van een "snuffel-stage" op mijn kantoor in het Europees Parlement te
Brussel, waarbij gemotiveerde VVDers en JOVDers een week met ons
meelopen. De stagiaires volgen vergaderingen, schrijven briefings, en
volgen de nationale en internationale pers. Wie belangstelling heeft
voor een snuffelstage in de tweede helft van 2008, die telkens loopt
van maandagochtend tot donderdagavond en waarvoor een vergoeding geldt
van €150 euro per week plus reiskosten (verblijfkosten zijn voor eigen
rekening) kan een CV met een korte motivatiebrief mailen naar jmaaten@vvd.nl. De data worden ook telkens op mijn website julesmaaten.eu bekend gemaakt.


